P&F algemene foto

logo Leliveld Advocaten  Personen- en familierecht | Echtscheidingen en bemiddeling


Hoe verloopt de echtscheidingsprocedure bij de rechtbank?

Het aanvragen van een echtscheiding begint met het indienen van een verzoekschrift. Dit wordt via uw advocaat aan de rechtbank gestuurd. Bij een echtscheidingsprocedure geldt immers de zogenaamde verplichte procesvertegenwoordiging. Dit houdt in dat een advocaat ingeschakeld moet worden om een verzoekschrift tot echtscheiding in te dienen bij de rechtbank. Het verzoekschrift kan door echtgenoten gezamenlijk worden ingediend, of door één echtgenoot (een eenzijdig verzoek).

Eenzijdig verzoek of echtscheidingsbemiddeling (mediation)?

Wanneer de verstandhouding tussen de echtgenoten zich ervoor leent is het tevens mogelijk gezamenlijk naar dezelfde advocaat te stappen om gezamenlijk de echtscheiding te effectueren. De advocaat probeert dan te bemiddelen tussen partijen met als doel in goed overleg de gevolgen van de scheiding te regelen. Dit noemt men ook wel mediation of bemiddeling bij echtscheiding. De advocaat zal dan een gemeenschappelijk echtscheidingsverzoek indienen en zorg dragen voor inschrijving van de beschikking in de registers van de burgerlijke stand. 

Het voordeel daarvan is dat zaken veelal sneller kunnen worden afgewikkeld, het bespaart kosten en men hoeft niet persoonlijk naar de Rechtbank te gaan. Echter, wanneer partijen er samen met hun gemeenschappelijke advocaat niet uitkomen, zullen beide partijen ieder een eigen advocaat moeten nemen. De totale kosten kunnen dan iets hoger uitvallen.
Een geslaagde bemiddeling leidt doorgaans tot afspraken die in een overeenkomst tussen partijen worden vastgelegd. Deze overeenkomst, die ook wel een echtscheidingsconvenant wordt genoemd, regelt de gevolgen van de echtscheiding, zoals partneralimentatie, de verblijfplaats van de minderjarige kinderen, de omgang met de kinderen, de echtelijke woning, de verdeling van de huwelijkse boedel e.d. Een dergelijk convenant wordt gevoegd bij het verzoek tot echtscheiding. De rechter zal dit convenant doorgaans volledig volgen.

In geval van een eenzijdig verloopt de procedure anders. Dan wordt het verzoekschrift door één der echtgenoten ingediend en kan de andere echtgenoot verweer voeren. Dit heet een procedure op tegenspraak.

Hoe kan er verweer worden gevoerd in een procedure op eenzijdig verzoek of tegenspraak?  

In het geval van een verzoek van één der echtgenoten kan de andere echtgenoot verweer voeren door middel van het indienen van een verweerschrift. De verzoeker laat binnen veertien dagen na de indiening van het verzoekschrift een afschrift daarvan overhandigen door een deurwaarder aan de andere echtgenoot. Dit wordt de betekening genoemd. Het uiterlijke tijdstip waarop de andere echtgenoot een verweerschrift kan indienen staat op het exploot vermeld. Dit is een door een deurwaarder opgemaakte akte waarin verslag wordt gedaan van het betekenen. De termijn voor het indienen van het verweerschrift moet ten minste 6 weken bedragen, te rekenen vanaf het moment van betekening door de deurwaarder. Het verweerschrift kan een zelfstandig verzoek bevatten. Dit heet een tegenverzoek. Het komt regelmatig voor dat een verweerschrift een zelfstandig tegenverzoek bevat. Mogelijke tegenverzoeken zijn bijvoorbeeld de vaststelling van alimentatie, het  vooruitzicht op pensioenrechten, of het treffen van maatregelen omtrent gezag.

Wanneer kan de rechter de echtscheiding uitspreken? 

De echtscheiding wordt door de rechter op verzoek van een der echtgenoten uitgesproken indien het huwelijk duurzaam is ontwricht. Het is aan de verzoekende partij om te stellen dat het huwelijk duurzaam is ontwricht. Bij  ontkenning door de andere echtgenoot moet de duurzame ontwrichting bewezen worden. De rechter moet vaststellen of sprake is van duurzame ontwrichting. In de praktijk wordt dit al snel aangenomen. Een huwelijk is duurzaam ontwricht indien de voortzetting van de samenleving ondraaglijk is geworden, zonder dat er uitzicht bestaat op herstel van behoorlijke echtelijke verhoudingen.

Bij een gezamenlijk  verzoek tot echtscheiding wordt echtscheiding uitgesproken door de rechter indien beiden echtgenoten van oordeel zijn dat het huwelijk duurzaam is ontwricht. Anders dan voorheen speelt de schuldvraag hierbij geen rol meer. Duurzame ontwrichting is voldoende en is de enige wettelijke grondslag waarop echtscheiding kan worden uitgesproken.

Wat als er kinderen bij betrokken zijn?

Wanneer er minderjarige kinderen bij de situatie betrokken zijn, dient het verzoekschrift tot echtscheiding een ouderschapsplan te bevatten. Hierin worden afspraken opgenomen over de opvoeding en verzorging van de kinderen. Wanneer er bij een gezamenlijk verzoek tot echtscheiding geen ouderschapsplan wordt overlegd, zal de rechter partijen vragen dit alsnog te doen. Lukt het partijen niet om tot overeenstemming te komen door middel van een ouderschapsplan, dan bestaat de mogelijkheid voor ieder der echtgenoten een eenzijdig verzoek tot echtscheiding in te dienen. (Voor meer informatie over het ouderschapsplan zie het kopje gezag en omgang kinderen)

Bent u gescheiden als de rechter uitspraak heeft gedaan? 

De rechter spreekt de echtscheiding uit in een vonnis. Dit wordt ook wel de echtscheidingsbeschikking genoemd. De echtscheiding komt tot stand door inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in de registers van de burgerlijke stand. Op dat moment is de echtscheiding definitief.

Is hoger beroep mogelijk tegen de echtscheidingsbeschikking?

Wanneer een gemeenschappelijk verzoek in eerste aanleg wordt toegewezen, is hoger beroep
daartegen niet mogelijk. Tegen toewijzing van een eenzijdig verzoek staat wel hoger beroep open bij het gerechtshof. Uw advocaat kan voor u hoger beroep instellen bij de griffie van het gerechtshof wanneer u het niet eens bent met de beslissing van de rechter. De termijn hiervoor bedraagt 3 maanden. Deze termijn begint te lopen de dag na de uitspraak van de rechtbank. Bij het hoger beroep kijkt het gerechtshof opnieuw naar uw zaak en neemt een nieuwe beslissing. Wanneer u het met de beschikking van het Hof niet eens bent kunt u in cassatie gaan bij de Hoge Raad. Ook hiervoor geldt een termijn van 3 maanden. De Hoge Raad gaat uit van de feiten zoals die door de lagere rechter zijn vastgesteld en zal de kwaliteit van de uitspraken van de lagere rechters controleren.

Hoe lang duurt een echtscheidingsprocedure bij de rechtbank?

Er is geen wettelijke termijn voor het afwikkelen van de echtscheiding. De duur van de echtscheidingsprocedure is in hoge mate afhankelijk van de samenwerking tussen de betrokken echtgenoten. Gemiddeld duurt een echtscheiding op gezamenlijk verzoek  (zonder bijzondere problemen) ongeveer 3 tot 4 maanden. Een procedure op tegenspraak duurt vaak langer. Deze kan variëren van enkele maanden tot enkele jaren.

Kunnen er voorlopige maatregelen worden getroffen? 

Met het einde van een huwelijk in zicht, kan het noodzakelijk zijn een aantal maatregelen te laten treffen. In een dergelijk geval kan aan de rechtbank het verzoek worden gedaan om over een aantal zaken reeds een voorlopige beslissing te nemen. De rechter kan dan zogenaamde voorlopige voorzieningen treffen. Deze kunnen door elk van beide echtgenoten of door de echtgenoten gezamenlijk worden aangevraagd. Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening kan zowel in het echtscheidingsverzoek worden gedaan als bij afzonderlijk verzoekschrift. De voorlopige voorzieningenprocedure is een afzonderlijke procedure die nauw samenhangt met de echtscheidingsprocedure. Het karakter van de voorlopige voorzieningen noopt tot een spoedige behandeling. Daarom is wettelijk geregeld dat de behandeling niet later aanvangt dan in de derde week volgende op die waarin de voorziening is aangevraagd. Deze termijn is aanzienlijk korter dan die voor de mondelinge behandeling in de echtscheidingsprocedure.

Welke voorlopige voorzieningen kunnen er worden aangevraagd in geval van een echtscheiding?

U kunt de rechter vragen om een voorlopige voorziening te treffen over de volgende onderwerpen:

Het gebruik van de echtelijke woning. De rechter kan bepalen dat één der echtgenoten bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning met bevel dat de andere echtgenoot die woning dient te verlaten en deze verder niet mag betreden. In de praktijk bleek de uitvoering van de voorlopige voorziening betreffende het uitsluitend gebruik van de echtelijk woning door een der echtgenoten op moeilijkheden te stuiten, wanneer de andere echtgenoot weigerde de echtelijke woning te ontruimen. Daarom is er de mogelijkheid voor de rechter een bevel te geven tot verlating van de woning. Dit bevel kan worden uitgebreid met een verbod om de woning verder nog te betreden.

Afgifte van goederen die strekken tot het dagelijks gebruik. De rechter kan bevelen dat ieder der echtgenoten aan de andere echtgenoot goederen beschikbaar zal stellen die strekken tot diens dagelijks gebruik, alsmede de goederen strekkend tot het dagelijks gebruik van de kinderen. Het komt voor dat de echtgenoot die de echtelijke woning moet ontruimen hiervan gebruik maakt om allerlei goederen naar elders te laten overbrengen of mee te nemen. De mogelijkheid van het treffen van deze voorziening beoogt een dergelijk handelen tegen te gaan.

Minderjarige kinderen die echtgenoten samen hebben. De rechter kan bepalen aan wie van de echtgenoten hun minderjarig kind zal worden toevertrouwd. Ook kan de rechter afgifte van het kind bevelen indien het kind niet reeds in de macht van die echtgenoot zou zijn. Verder kan het bedrag worden bepaald dat de andere echtgenoot voor de verzorging en opvoeding van ieder der kinderen moet betalen.

Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken en omgang. De rechter kan een regeling vaststellen inzake de verdeling van de zorg en opvoedingstaken of de omgang tussen het kind en de echtgenoten die niet het gezag uitoefent. Door de toevertrouwing van de kinderen aan de ene ouder, wordt de bevoegdheid van de andere ouder tot omgang met het kind niet meer beperkt dan hetgeen noodzakelijkerwijs uit de situatie voortvloeit. Deze ouder mag van de andere ouder verlangen aan een omgangsregeling mee te werken. Indien de ouders in onderling overleg niet tot een dergelijke regeling komen, kan ieder van hen aan de rechter verzoeken om in het kader van de voorlopige voorzieningen een regeling te treffen omtrent de omgang tussen het kind en de ouder aan wie het kind niet is toevertrouwd.

Het bedrag aan levensonderhoud ten behoeve van de andere echtgenoot. De rechter kan het bedrag bepalen dat de ene echtgenoot moet betalen voor het levensonderhoud van de andere echtgenoot. Het gaat daarbij om een voorlopig bedrag aan partneralimentatie dat blijft gelden totdat  de beslissing op het verzoek om definitieve alimentatie voor tenuitvoerlegging vatbaar wordt.

Ondertoezichtstelling. De rechter is bevoegd op verzoek van een echtgenoot of de Raad van de kinderbescherming een kind onder toezicht te stellen. Dit kan het geval zijn wanneer de situatie een ernstige bedreiging vormt voor het kind.

Hoe lang blijft een voorlopige voorziening in stand? 

Al deze voorlopige voorzieningen zijn van tijdelijke duur. Ze worden vastgelegd in een beschikking en gelden zo lang de echtscheidingsprocedure zal duren. De voorlopige voorzieningen verliezen hun kracht zodra een beschikking tot echtscheiding wordt ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand. Tegen een rechterlijke beslissing inzake een voorlopige voorziening staat geen hoger beroep open maar wel cassatie in belang der wet.

Kan een verzoek tot echtscheiding ook andere zaken betreffen?

In de echtscheidingsprocedure kunnen naast het echtscheidingsverzoek ook nevenverzoeken worden ingediend. Deze worden ook wel nevenvoorzieningen genoemd. Nevenverzoeken kunnen tegelijkertijd met het echtscheidingsverzoek of tegelijkertijd met het verweerschrift worden aangevraagd. Ook gedurende de loop van de echtscheidingsprocedure is dit mogelijk.

Welke nevenverzoeken kunnen aan de rechter worden verzocht? 

Enkele nevenvoorzieningen die de rechter kan treffen op verzoek van beiden echtgenoten of een der echtgenoten in geval van echtscheiding zijn de volgende:

Toekenning van een uitkering tot levensonderhoud. De ene echtgenoot kan een nevenverzoek indienen tot toekenning van een uitkering tot levensonderhoud ten laste van de andere echtgenoot. De omvang van de alimentatie wordt bepaald door enerzijds de draagkracht en anderzijds de behoefte, waarbij niet alleen het inkomen, maar ook het vermogen van betrokkenen van belang is. Overigens heeft de rechter de vrijheid om met overige omstandigheden van het geval rekening te houden.
Verdeling van de gemeenschap of uitvoering van een verrekenbeding. Op moment van indiening van het verzoekschrift tot echtscheiding wordt de gemeenschap ontbonden. Naast het echtscheidingsverzoek kan als nevenvoorziening aan de rechter gevraagd worden de verdeling van de gemeenschap te bevelen. Zijn partijen op huwelijkse voorwaarden getrouwd, dan kan bij het einde van hun huwelijk de verrekening van eventueel gespaarde inkomsten of vermogen een probleem vormen. Daarom kan als nevenvoorziening uitvoering van het verrekenbeding worden gevraagd aan de rechter. 

Voorzieningen betreffende de kinderen. Dit kan gaan over het gezag, de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken, de vaststelling van de hoofdverblijfplaats, de omgang met de kinderen, de informatie en raadpleging over de kinderen en een bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige kinderen van de echtgenoten.

Bewoning van de echtelijke woning en gebruik van inboedel. Op verzoek van een echtgenoot kan de rechter bepalen dat die echtgenoot jegens de andere echtgenoot bevoegd is de echtelijke woning en het gebruik van de inboedel gedurende zes maanden voort te zetten tegen een redelijke vergoeding. Voorwaarde is wel dat de verzoekende echtgenoot ten tijde van inschrijving van de echtscheidingsbeschikking de woning bewoont.

Toekenning van het huurrecht. In geval van echtscheiding kan de rechter op verzoek van een echtgenoot bepalen wie van de echtgenoten huurder van de woonruimte zal zijn.
Een andere voorziening dan de voorgenoemde kan ook als nevenverzoek worden aangevraagd op voorwaarde dat deze voldoende samenhang vertoont met het verzoek tot echtscheiding. Ook is vereist dat niet te verwachten is dat de behandeling van het nevenverzoek tot onnodige vertraging van het geding zal leiden.

Meer weten over uw eigen rechtspositie?

 

Bovenstaande informatie schept een algemeen maar niet volledig beeld van een echtscheidingsprocedure. In de praktijk worden deze vaak ingekleurd door de feitelijke omstandigheden van het geval. En die verschillen vaak. Wilt u meer weten over uw rechtspositie en wenst u een advies op maat, neem dan contact op met een deskundige advocaat van een van onze vestigingen. Het eerste gesprek is gratis en geheel vrijblijvend. Onze advocaten helpen u graag verder.

 

Bijgewerkt: juni 2016

Disclaimer

Aan de inhoud van bovenstaande tekst kunnen geen rechten worden ontleend.

 


 


logo Leliveld Advocaten   Blog & News

Laatste Blog


Incasso deel 1: ingebrekestelling en schriftelijkheid

Wanneer u onderneemt, zal het vast wel eens voorkomen dat u een partij goederen of diensten levert en deze partij weigert om de factuur te voldoen. Deze serie blogs zal stap voor stap laten zien hoe u er voor kan zorgen dat u alsnog het geld (met wellicht zelfs een beet ..

Lees meer

Laatste Nieuws

logo Leliveld Advocaten   Events
Wij organiseren regelmatig ontbijtsessies om u op de hoogte te houden van belangrijke regels en wetten. 

Wilt u voor uw directie en/of managers een specifieke workshop, neem dan vrijblijvend contact met ons op.