Wanneer u onderneemt komt het helaas voor dat u een goed of een dienst levert terwijl de factuur hiervoor niet wordt voldaan. Betaalt uw debiteur de factuur niet, dan is hij in gebreke. De incassering van een vordering op uw debiteur begint met een goede ingebrekestelling. Door middel van een ingebrekestelling geeft u uw debiteur de laatste kans om de vordering binnen een redelijke termijn te voldoen. Door de komst van nieuwe technologie kunt u uw debiteur op verschillende manieren aanspreken tot betaling van de openstaande facturen. De ouderwetse brief heeft plaats gemaakt voor de e-mail, sms, WhatsApp en facebook. Is een ingebrekestelling verzonden via deze moderne communicatiemiddelen rechtsgeldig?

Wettelijke vereisten ingebrekestelling: schriftelijk!

Een incassotraject begint meestal met een ingebrekestelling. Dit is een ’schrijven’ dat naar de schuldenaar wordt verstuurd, waarin wordt verzocht om de openstaande factuur het geleverd goed of de verrichte prestatie te voldoen binnen een redelijke termijn. De wet schrijft voor dat deze ingebrekestelling schriftelijk moet geschieden. Het moge duidelijk zijn dat een brief en een fax aan dit vereiste voldoen. Door de komst van de moderne technologie kan echter twijfel bestaan over dit schriftelijkheidsvereiste. Immers, wat als de ingebrekestelling per e-mail of WhatsApp is verstuurd?

Moderne communicatiemiddelen

De rechter heeft zich uitgelaten met betrekking tot een ingebrekestellingen die per e-mail is verzonden: deze worden gezien als schriftelijk. Ook heeft de Tweede Kamer indirect laten weten dat het begrip ‘schriftelijk’ ruim mag worden geïnterpreteerd. Aangeraden wordt echter wel om het e-mailbericht met leesbevestiging te verzenden. Dit biedt immers het bewijs van verzending en ontvangst van de ingebrekestelling. Overigens wordt hetzelfde aangeraden bij de ‘papieren’ ingebrekestelling. Het is verstandig om deze per aangetekend post te versturen, hoewel dit niet expliciet is verplicht.

De vraag of een SMS, WhatsApp-bericht of ander modern communicatiemiddel aan het schriftelijkheidsvereiste voldoen, is moeilijker te beantwoorden. Slechts één rechter heeft zich daar tot dusver over uitgesproken en deze rechter liet na om zijn oordeel uitgebreid te motiveren. De rechter stelde zich immers slechts op het standpunt dat die specifieke sms-berichten niet voldeden aan de vereisten voor ingebrekestellingen. Het is voor alsnog daarom onduidelijk of een ingebrekestelling per SMS wettelijk gezien is toegelaten. Zou de jurisprudentie met betrekking tot de e-mail verkeerd worden doorgetrokken, dan zou kunnen worden bepleit dat ook WhatsApp kan voldoen aan de schriftelijkheidsvereiste die de wet stelt.

Het probleem bij moderne communicatiemiddelen is immers het bewijs dat het bericht de ontvanger ook daadwerkelijk heeft bereikt. Bij de e-mail hebben we de leesbevestiging, bij SMS de ontvangstbevestiging en bij iMessage bevestigingsvinkjes. Op WhatsApp is het thans mogelijk om de ontvangst- en leesbewijzen uit te zetten waardoor bewijs van ontvangst ontbreekt.

Zou worden aangenomen dat aan de schriftelijkheidsvereiste is voldaan, dan moet wel nog worden bewezen dat de ingebrekestelling ook verzonden is naar de juiste ontvanger en dat het telefoonnummer dus bij de schuldenaar hoort.

Meer weten over uw eigen rechtspositie?
Bovenstaande informatie schept een algemeen beeld ten aanzien van een ingebrekestelling via moderne communicatiemiddelen. Voor specifieke informatie over uw eigen rechtspositie en wenst u een advies op maat? Dan kunt u contact met mij opnemen via switalska@leliveldadvocaten.nl of online een afspraak maken voor een gratis oriënterend gesprek.

Disclaimer
Aan de inhoud van bovenstaande tekst kunnen geen rechten worden ontleend.